Rawkward Steve’s Saga, part two: Death Alley Amster-fucking-damned, de shitstorm

4 april 2018 via Never Mind The Hype

Proloog
Een dag later ben je ineens verdaagd op nóg een releaseshow, waarvan je contextueel op voorhand moeite hebt om er te zijn, maar vooral wilt zijn, omdat je er hoort te zijn en er dus bent. En, zo schrijf je nagenoeg niets, en zo zit je ineens ‘all pistons firing’ te woordenkotsen alsof het een lieve lust is; zoals met zoveel dingen in het leven: het overkomt je, en kennelijk moest het zo zijn. Weet ik veel, ik doe ook maar wat, maar wel met passie.

Tekst: Steven Gröniger, fotografie: Maron Stills

Oké, de hoofdgedachte op voorhand; wordt het rawkward, is het rawkward en hoort het überhaupt niet gewoon rawkward te zijn? En is dat misschien sowieso het basisingrediënt van de spanningsboog die nodig is om het juiste euforische orgasme te bewerkstelligen dat uiteindelijk legitimeert dat men mag spreken van een saga? Is dit dan misschien niet het bijzondere aspect die in de geest van Death Alley ligt besloten; om uit schurende gebeurtenissen ruwe brandstof te onttrekken, om deze vervolgens ballengrijpend te raffineren en te laten ontbranden in een explosie van schedelneukende show, of overdenk ik shit gewoon teveel? In ieder geval mag het duidelijk zijn dat, langs Roadburn, Lemmy Lives, Death Alley6 en de afscheidsshow van bassist Dennis, er genoeg reuring is geweest in en rondom de band, maar door de intensiteit van de show van vanavond kunnen we in ieder geval stellen dat er live nog altijd een fucking mannelijk harde show op de planken kan worden neergesmeten. Met het live-debuterende Ploegendienst en Demon Eyes op het affiche was het weer eens ouderwets uit je zwarte hoodie en lederen jackie genieten geblazen. Het was wat.

Ploegendienst
Godverdommetyfuszooiwhatdefuck! Djezus. Fucking. Kreist niet normaal dit! Echt, ik weet in alle euforie niet hoe je zou moeten beschrijven hoe onmogelijk fantastisch dit is. Hoe aanmatigend egostrelend het gevoel van pretentieus historisch besef dat je getuige bent van het live-debuut van deze band. In één woord: motherfucker! En Ray Fuego, wat een insane gast van een frontman! Hij draaide eerder op de dag nog een eigen show tijdens de viering van 50 jaar Paradiso, maar gaat hier echt standje manisch extreem. Hij gooit alles eruit, en ook zijn kleren gaan uit, de man geeft alles. Flinke open deur is om qua energie, intensiteit, bravoure en stage-antics een vergelijking te trekken met Bad Brains frontman H.R.. Sowieso zal hij als leidende inspiratie gelden, gezien de Bad Brains tatoeage die op zijn lichaam prijkt, maar het ook nog als een pure nietsontziende Hiroshima atoombom op het publiek kunnen storten is zo fucking vet om te zien.

Ik wil bij deze in ieder geval alvast uitroepen (of hypen) dat hier en nu de verlosser van de hardere gitaarmuziek is opgestaan, iets wat hij met SMIB en zijn platen al langer is, met name voor de buitenbeentjes onder ons. Dat het besef juist op goede vrijdag plaatsvindt geeft het misschien nog extra lading. In een orgastische explosie van een kwartier wordt er in ieder geval rijkelijk gesmeten met hagendissenbrein verpletterende gitaarhooks, stuwende baspartijen en pompende drums. En met nummers die zo onmogelijk pakkend zijn dat je de neiging hebt alles mee te zingen, bleren of schreeuwjanken, weet ik veel. Het was gewoon ‘kankervet’. Ploegendienst gaat veel shit slopen de komende tijden, zoveel is zeker.

Demon Eyes 
Op basgitaar herkennen we in ieder geval The Deaf’s Janneke Nijhuijs, bij het Haagse powertrio van Demon Eyes. Ook bij deze act een live-debuut, maar in tegenstelling tot Ploegendienst, is het hier een tandje terugschakelen en wat gedecideerder een sfeervolle set opbouwen. Wat betreft rocken en rollen zijn het toch vooral het bizar infinitief riffwerk van de gitarist. Hij kots ze uit alsof het niks is, een soort Tommy Iommi die ongegeneerd keihard Ted Nugent buttfuckt. Van doom tot recht-toe-recht-aan beukwerk, al is de zang niet helemaal mijn kopje absint, het blijft onmiskenbaar heerlijk leunen op de riffs. Sehr toll!


Eerder op de dag ontstaat er enige verwarring en ongeloof als online staat dat de show van vanavond blijkt uitverkocht. Met een capaciteit van 400 man in het Skatecafe, en gezien de onmogelijk veel events die er deze avond in Amsterdam plaatsvinden, is dat best wel een buitengewone overwinning om trots te mogen zijn op zichzelf. Nog mooier is de energie die er ineens ontstaat wanneer het ongeloof en de verwarring ineens omslaan in ‘oh, fuck. Volle bak!’. Het publiek en de onrust nemen exorbitante vormen aan wanneer de intro-track van de show wordt ingestart en het joelen, schreeuwen steeds verder aanzwelt, omdat het publiek vooral keihard masturbeert en tot grote apotheose klaar wil komen door een bak onmiskenbaar rockgeweld. Sowieso is het publieksritueel van deze avond er eentje van ongekende energieke non-stop doorgaan tot het gaatje (Urk was er ook weer bij, de lieverds).

Een week na de release van Superbia, en na een bovenal roerig jaar, is bij de band zelf ook de complete ontlading zichtbaar. En door een massieve en diepgaande muur van geluid wordt er dwars door alles en iedereen heen gespeeld. Fuck hey, het overschrijdende gevoel dat er niet met de duivel op de hielen, maar gewoon balls to the wall een dijkbunker van een ontladende show wordt gespeeld, is op het therapeutisch berustende bagger van je afvallende af. In een set die logischerwijs oud en nieuw werk bevat, is het naast opvallende oorwormtrack ‘Headlights in The Dark’ nog immer en altijd het afsluitende ‘Supernatural Predator’ dat te allen tijde zorgt voor de juist mogelijke afsluiting van alles. Naast een fijne hereniging met oude en nieuwe bekenden en emoties, was het weer eens fijn eens om een ontketende nietsontziende show te beleven, Het was wat en bijzonder nodig.

Cheers,
Rawkward Steve